3D vlinder met koperdraad

August 19, 2012 at 6:51 pm | Posted in Nederlands | 1 Comment
Tags: ,

VlinderDeze 3D vlinder komt vers van mijn kussen gevlogen. Het is een vrije interpretatie van het eerste patroontje uit “Schmetterlinge” van Ulrike Löhr.

Spanwijdte 8,5 cm.

Er zat wat tijd tussen de eerste en de laatste vleugels. Ik was vergeten met hoeveel paren ik de achterste vleugetjes in het lijf had weggewerkt. De voorste vleugels hebben het lijf een stuk dikker gemaakt. Anatomisch beter zo dan andersom. Maar een volgende keer zal ik de laatse paren van de vleugels simpelweg om de dikke draad slingeren die rond het lijf loopt, en deze paren dan tot pootjes vlechten.

Een van de gronden probeerde ik voor het eerst uit. Ik had daarbij wat aanwijzingen over het hoofd gezien. Als je met koperdraad werkt moet je spaarzaam zijn met uithalen. Ik ben daarom maar onregelmatig verder gegaan.

Advertisements

Sierraad variaties

October 30, 2011 at 4:56 pm | Posted in Nederlands | Leave a comment
Tags: , , , ,

resultaat met dubbel koperdraad van 0,1 mm

Het element zou ook gebruikt kunnen worden als bedel of schakel, of schakel ze 3×3 aan elkaar volgens de laatste trend in oorbellen. Met de kraaltjes eraan voel je met je vingers de eindjes vrijwel niet. Voor tere stoffen (zoals zijden sjaaltjes) zou dat wel eens anders kunnen uitpakken. Met dikker metaaldraad bereikt het element misschien een schaal voor een windgong.

De inspiratie kwam van een achtergrondmotiefje in “Tribute to the first people” van Anny Noben-Slegers. Het bleek ook één van de varianten van B7a te zijn uit “Viele gute Gründe” van Ulrike Löhr.

zoom in voor patroon/werktekening

Breedte en hoogte verschilt iets, vandaar de twee verschillende opzetschema’s. Vul de leemtes in het patroontje in met spinnen of sneeuwvlokken naar keuze. Verklein het patroontje afhankelijk van garen- of draaddikte en afhankelijk van de vaardigheden om met koperdraad te werken.

Kantklosjes aanpassen voor koperdraad

January 24, 2011 at 8:46 pm | Posted in Nederlands | 2 Comments
Tags: ,

Aanhechten
Koperdraad op een klosje winden kan al bij het begin problemen opleveren wegens gebrek aan grip. Een gaatje door de klos kan deze startproblemen verhelpen.

Wikkelen
Iedere keer dat metaal gebogen wordt draagt bij aan metaalmoeheid en daardoor breken van de draad. Met een dikkere hals buigt de draad minder bij het winden.

Varianten van het afhechten
Het gebruikelijke lusje waarmee het garen wordt vastgezet, betekent vele korte bochtjes, dat gaat dus niet. Er zijn vele oplossingen voor dit probleem gevonden. Bijvoorbeeld paraplu klosjes, een schroefhaakje bovenop, schroefhaakje in de zijkant, vlinder klemmetjes (afbeelding links) en houders voor naaimachineklosjes zoals dit vliegvisgereedschap en draadpotloden voor electronica doe het zelvers.

Mijn favoriete manier van afhechten
Mijn favoriete ontwerp komt van Rosemary Shepherd. Een variant is gekiekt in Mirecourt in 2010. Mijn persoonlijke variant wordt hieronder getoond en besproken.

Ik heb mijn variant aan beide einden ingezaagd. Handig als je per vergissing de verkeerde kant hebt opgewonden: gewoon de klos op zijn kop gebruiken. Nadeel is wel een iets grotere kans dat verkeerde draden erin blijven haken. Je kunt eventueel ook twee soorten draden op een enkele klos winden, zodat je bij tekort geen klossen hoeft leeg te maken.

Start de zaagsnedes loodrecht zoals boven getoond, maar eindig schuin zoals ondergetoond. De zaagsnede loopt binnenin daardoor rond, zoals de stippellijntjes laten zien. De draad komt dan niet met zo’n scherp hoek uit de klos en breekt daardoor minder snel.

Voor koperdraad met een dikte vanaf 0.1 mm is goed gladschuren niet zo belangrijk. Voor de 0.06 mm dunne draadjes zoals ik gebruikte in mijn eerste bericht, bleek het wel belangrijk om de zaagsnedes goed af te werken.

Libelle uit Ulrike’s “Maikäfer, flieg”

January 9, 2011 at 3:43 pm | Posted in Nederlands | Leave a comment
Tags: , , ,

dragonflyDe banner van deze blog is een  fragment van mijn uitvoering van Ulrike Löhr’s “Königslibelle” uit haar boekje “Maikäfer, flieg”. Afgelopen zomer heb ik het geklost met koperdraad met een diameter van 0.1 mm. De vleugel lengte werd zo’n 25 cm. Dit is nog niks in vergelijking met prehistorische* exemplaren.

Ik werkte met een dubbele draad omdat ik uit ervaring wist dat ik dan minder last heb van breken, zonder dat het patroon stevig vergroot hoeft te worden. Echter, Ulrike ontwierp de aderen van de vleugels met Venetiaanse vlechten (1, 2). Dat bleek vrijwel onmogelijk. De staande draden buigen een beetje bij iedere bewerking. Dat veroorzaakt metaalmoeheid waardoor de draden breken. Daarom heb ik wat afstand gehouden voor de weefdraden, maar daardoor verliezen de vlechten hun speciale effect.

Ook bij de grote vormslagen trad het zelfde effect van brekende draden op. In dit geval heb ik het opgelost door de loper om hulpspelden te weven die ik vrijwel vlak in het kussen heb gestoken. Met zo weinig draden binnenin de vormslag, vrees ik dat deze niet zo’n lang leven beschoren zijn. Maar ze zijn nog steeds heel terwijl ze zonder al te zorgvuldige behandeling rondslingeren.

Mijn idee is om een keramieken of glazen lijf te (laten) maken zodat de libelle tuinkunst kan worden. Maar de vleugels kunnen hun eigen gewicht niet dragen. Ik vrees dat ik het een keer opnieuw moet proberen met dikker draad langs de buitenkant en in de Venetiaanse vlechten.

Het klossen werd in in deze vakantie afgewisseld met wandelen waarbij ik bijgaande libelle voor de lens kon vangen. Dat viel nog niet mee want op de display van de compact camera zie je zo’n beest nauwelijks en het is nogal bewegelijk.

Met koperdraad en insectenspelden

December 28, 2010 at 6:37 pm | Posted in Nederlands | 2 Comments
Tags: , , ,

half slotje met vijf gekloste druppels Via erfenis op erfenis (met warme hand) heb ik een onderdeel van een bloedkoralen ketting gekregen. Ik wil het niet dragen zoals ik mijn moeder er mee kan uittekenen en heb daardoor lang niet geweten wat er mee te doen. Onlangs kwam ik koperdraad tegen van 0,06 mm dun. Oorspronkelijk is dit bedoeld om spoeltjes te wikkelen voor microfoontjes. Hierbij een probeersel geklost met dubbele draad en wilde grond.

Wilde grond wil zeggen: om en om enkele en dubbele netslag met alleen insectenspelden bij de randslag. Voor het oogje ben ik geëindigd met vier paar: linnenslag met paren als draden, twee vlechtjes, waar deze elkaar ontmoeten weer een linnenslag met paren als draden. Op de terugweg de vlechtjes halverwege aanhaken om de heengaande vlechtjes.

Create a free website or blog at WordPress.com.
Entries and comments feeds.